DE DROKKE DÖRPENTOCHT
Klik hier voor de eerste dia-show (Foto's: F. Post & N. Oving).
Klik hier voor de tweede dia-show (Foto's: F. Post).
HET WAS OPNIEUW EEN SUCCES
Ze kwamen uit heel Nederland om deel te nemen
aan een tocht waarin paarden en mensen een hoofdrol spelen.Het is voor de
deelnemers een feestelijk gebeuren. Ze genieten van het landschap waarlangs de
route voert. De deelnemers uit het zuiden hebben Drenthe mooi gevonden. Het
bevalt als regel zo goed dat na afloop de vraag wordt gesteld, wanneer gaan we
opnieuw. Zo was dat na de zogenaamde “Grote Keientocht”in in 2003. Ook nu na de
“Drokke Dörpentocht “, in de eerste week van augustus, is wederom die vraag
gesteld. Blijkbaar is het gezamenlijke trekken, het samen ondernemen voor de
deelnemers met zowel trekpaarden als haflingers zo’n bindend element dat men aan
het einde van de tochten, ondanks de vermoeidheid, al weer verlangt naar een
nieuw avontuur ergens door een rustgevend landelijk gebied. Dan wordt aan
degenen die een dergelijke tocht hebben voorbereid een gewetensvraag voorgelegd.
Immers voor de organisatie die zo mogelijk vlekkeloos moet verlopen is een
gedegen voorbereiding noodzakelijk. Het is geen kleinigheid om een stoet van een
kilometer lang door de dorpen en steden te leiden, zonder dat zoiets de ergernis
wekt bij mensen die zich denken te moeten haasten in deze ingewikkelde
maatschappij. Zij die dit jaar de tocht hebben voorbereid en begeleid verdienen
respect voor de gedegenheid waarmee men tewerk is gegaan. Die gedegenheid bleek
bij de terugkomst bij de manege in Exloo ondanks de regen die op de laatste dag
wel erg rijkelijk vloeide. Men was tevreden en voldaan over hetgeen gedurende
zes dagen tijdens de tocht door Drenthe werd getoond en geboden. De
vertegenwoordigers van de afdelingen Friesland, Groningen en Drenthe van de
Koninklijke Vereniging “Het Nederlandse Trekpaard en De Haflinger”en van de
Vereniging “De Aangespannen Haflinger”hadden ook niets aan het toeval
overgelaten. Zij verdienen een pluim voor het resultaat en de perfecte
begeleiding tijdens de dagen van de trektocht.
MEN TROK VAN MANEGE NAAR MANEGE
Voor de paarden moet aan het einde van
de tocht een weide worden gevonden. Ze moeten worden gevoerd en gedrenkt. Zij
hebben voorrang op de mensen en dat is goed. De dieren hebben immers de weg van
de dag moeten afleggen en de mensen moeten trekken dan wel dragen. De dieren
doen dat als regel zonder daartegen te protesteren. Wij mensen kunnen daaraan
wel eens een voorbeeld nemen. De maneges bieden de mogelijkheid tot overnachten
en voorzover de mensen niet een caravan hebben meegebracht voor de trektocht,
wordt dat dan een gemeenschappelijke slaapgelegenheid. Het slapen valt ondanks
de vermoeidheid en na de warme maaltijd wel eens tegen, omdat vaak nog wordt
nagepraat over de belevenissen van de dag. Vanzelfsprekend wordt ook nog wel
eens een drankje genuttigd dat de stemming verhoogt althans beïnvloedt. De
volgende morgen moet men echter weer vroeg uit de veren want stipt om 8 uur in
de morgen werd de tocht hervat, behalve op de laatste dag. Voordat men bij de
manege onderdak vindt is er wel veel vooraf gegaan. Zij die verantwoordelijk
voor de stalling en het onderdak zijn, zijn daarmee tijdens de dag van de tocht
er al heel druk bezig. Er moet in de weiden een scheiding zijn tussen de
trekpaarden en de haflingers opdat de één niet door de ander van het voer wordt
verdreven. Op zich is dat geen probleem en is dat gemeenschappelijk weiden van
de rassen een heel mooi beeld waarvan ook mensen die komen kijken naar het
spektakel heel erg kunnen genieten. Als opperstalmeester fungeerde Hendrik
Kinderman en hij werd bijgestaan door Pieter Koopal, Marinus Torensma, Johan
Torensma en Jan Hamminga. Je kon er zeker van zijn dat die voorbereiding perfect
was geregeld, dankzij de inzet van deze mensen.
DE CATERING ONDERWEG
Voor de inwendige mens en voor de paarden moet ook
tijdens de tocht goed worden gezorgd. Gelukkig zijn daarvoor mensen beschikbaar
die ook bij vorige tochten hun dienstbaarheid hebben laten blijken en hebben
getoond dat zij die taak uitstekend verstaan. Jo en Annie Gooiker, daarin
bijgestaan door Reintje Kinderman en Vera Koiter zorgden iedere dag voor koffie
en thee en daarnaast voor allerlei frisdrankjes en chocolademelk. Ook onder
andere brood in de vorm van krentenwegge en cake waren beschikbaar. Daarnaast
was er water voor de paarden tijdens de pauzes onderweg. Als je die zorg voor
mens en dier onderweg volgt en ziet hoe de deelnemers die zorg waarderen en zich
schikken in de wachttijd die soms even nodig is, dan blijkt ook daarbij weer dat
zij die met paarden omgaan vriendschap en geduld in hoge mate tonen. Dan doet
ook niet terzake of men met een trekpaard of een haflinger deelneemt aan de
tochten. Men vormt een eenheid die in andere verbanden wel eens te wensen
overlaat.
DE BEGELEIDING TIJDENS DE TOCHT
Als door dorpen en steden wordt gereden
of als wegen moeten worden gekruist dan is het nodig dat de overige deelnemers
aan het verkeer weten dat zij rekening moeten houden met de stoet van paarden,
karren en mensen. Dan zijn er de zogenaamde verkeersregelaars die zich van die
taak bewust zijn en daar waar nodig maatregelen nemen. Dan zie je dat het
overige verkeer begrijpt dat ze worden opgehouden door de stoet. In het algemeen
wordt daarover niet moeilijk gedaan. Bovendien kan men dan even genieten van het
schouwspel van paarden, mensen en karren dat aan het oog voorbij trekt. Je ziet
dan dat ook mensen die verder niets met paarden van doen hebben, genieten van
dat schouwspel en van de rust die de paarden uitstralen. Van belang is daarbij
wel dat vooraf overleg met gemeenten en politie is gevoerd en toestemming is
verkregen om van de geplande wegen gebruik te mogen maken. Het zijn in hoofdzaak
dames die zich de begeleidende taak eigen hebben gemaakt en zich in duidelijk
zichtbare kleding, met het opschrift verkeersregelaar, fietsend door de Drentse
dreven zich van kruispunt naar kruispunt spoeden. Het waren de dames mevr. De
Boer, Vera Kosters, Winnie Nienhuis, Corinna Peters, Josefine Suetens,Tsjakkie
Sureveen en Annet Vollenbroek. Mede verantwoordelijk voor een goed verloop van
de begeleiding waren Jan Dubbelboer als opperhoofd en Jan Seubring, Marcel
Vollenbroek, Barry Schotman en Hielke Strampel.
HET VERMAAK VAN PUBLIEK ONDERWEG
Als tijdens de tochten ook de
paardenrassen nog kunnen worden gepromoot en als kan worden getoond voor welke
doeleinden de paarden kunnen worden ingezet dan is het goed om dat op bepaalde
plaatsen, in combinatie met een rustpauze, aan het publiek te laten zien. Dat
werd dan ook tijdens deze tocht op verschillende plaatsen gedaan. Zo werd op de
brink in Annen getoond dat ook met aanspanningen het ringsteken kan worden
gedaan. Dat is minder gemakkelijk dan zittend op een gezadeld of ongezadeld
paard zoals in Zeeland wordt gedaan, maar het kan. Dan is er het touwtrekken van
mensen tegen paarden. Het lijkt dan even alsof de mensen het paard kunnen
overwinnen maar als het er werkelijk op aan komt dan is er geen mogelijkheid tot
overwinnen en winnen altijd de paarden. Voor kinderen is het plezierig als zij
worden toegelaten op een kleed dat getrokken wordt door paarden in draf – een
zogenaamd vliegend tapijt - om te proberen zo lang mogelijk te blijven zitten
dan wel te blijven staan. Zowel het zitten als het staan is moeilijk en de
kinderen rollen dan ook vlot na de start in het gras en hebben daarbij heel veel
plezier en voelen dit als een spannende belevenis. Ook de wendbaarheid van de
paarden en de stuurmanskunst van de menners worden getoond door het opstellen
van pionnen waarbij het erop aankomt tussen pionnen door de te gaan zonder dat
deze worden geraakt. Dan blijkt ook weer dat de beide rassen zich voor dit spel
heel goed lenen. Dat zien we immers ook van de trekpaarden tijdens de
wedstrijden van de Power Horse Competition, de PHC. De voorbereiding van de
wedstrijden in de verschillende dorpen en steden was in handen van de
activiteitencommissie bestaande uit Hilde Derks, Jan Pieter Nienhuis, Be
Pranger, Marcel Vollenbroek en Ellen Meesters.
Het grootste spektakel vond
plaats in de Kerkstraat in Assen in de vorm van ringsteken en wel op de woensdag
waarop veel mensen in de stad zijn ter gelegenheid van de activiteiten tijdens
de zogenaamde Bartjes Midweek. Het was hier dan ook werkelijk noodzakelijk dat
assistentie werd verleend door de politie van Assen om alles in goede banen te
leiden. Het talrijk aanwezige publiek heeft zich wel verbaasd over de
mogelijkheden van de beide rassen en tegelijkertijd genoten van het kletteren
van de hoeven en het ratelen van de karren in verschillende modellen waaronder
diverse originele authentieke wagens, die in het verleden voor speciale
doeleinden werden gebruikt zoals oogst -, kolen -, jachtwagens en ook een
winkelwagen.
DE ORGANISATIE IS VEELOMVATTEND
De organisatie en voorbereiding van een
dergelijke tocht is geen kleinigheid, Als gedurende zes dagen door een gebied
moet worden getrokken dan moet dat gebied aantrekkelijk zijn om door te gaan
maar ook beschikken over wegen die het toelaten om daar met een lange stoet over
te gaan. Dan moet er gekozen kunnen worden voor wegen en paden waarop weinig
overig verkeer vertoeft. Naar mijn mening is de organisatie daarin ook deze keer
weer goed geslaagd. Natuurlijk kom je dan zaken tegen die moeilijk of niet
oplosbaar zijn maar met goede wil en goed overleg met de autoriteiten lukt het
meestal wel. Soms kan het nodig zijn te improviseren als veranderingen optreden
als gevolg van het weer of door verlegging van wegen. Zij die kunnen
improviseren lossen dan de zaken op. Er gaan veel vergaderingen aan de tocht
vooraf en veel wegen moeten vooraf worden verkend. Er zijn echter mensen die als
zij de voorbereiding op zich hebben genomen van geen wijken en van geen ophouden
weten. Zij zorgen dat het goed komt. Dat waren de vertegenwoordigers van de
afdelingen zoals hiervoor genoemd. Zij allen verdienen een pluim voor het goede
verloop van de tocht van de “Drokke Dörpen”. Zij mogen het nog eens doen volgens
de wensen die op de slotavond tijdens het diner zijn geuit.
TENSLOTTE
Een tocht met paarden en mensen is niet te doen als niet ook
mensen die over materialen die van belang zijn tijdens de tochten, bereid zijn
die materialen voor dit doel beschikbaar te stellen. Zo is er steeds een
vrachtauto van de heer Holwerda die de trektocht de hele dag volgt en mede
fungeert als een bezemwagen en waarin de slaapspullen worden vervoerd van manege
naar manege. Dan is er ook een toiletwagen en zijn er bevoorradingswagens. Dan
moeten namen als Siem Hofman, Lieuwe van der Wal en Gruppen Vijvertechniek
evenals van bakkerij van de Zee en de fa. Wiersma worden genoemd, voor het
beschikbaar stellen van voeding en technische middelen die onmisbaar zijn
tijdens de tochten die zijn of worden georganiseerd. Ook voor die mensen past
een woord van dank voor hun bijdrage aan het welslagen van de tocht. Voor een
beeldverslag op video zorgt al jaren Andries van der Veen.
F. Post